Livre
Néerlandais

De dieven zijn al gaan slapen

Leo Pleysier (auteur)
Autobiografische fragmenten van de Vlaamse schrijver (1945- ).
Titre
De dieven zijn al gaan slapen
Auteur
Leo Pleysier
Langue
Néerlandais
Éditeur
Amsterdam: De Bezige Bij, 2003
166 p.
ISBN
90-234-1074-2

Commentaires

0,2 bladzijden per dag

RIJKEVORSEL - Ruim twee jaar heeft Leo Pleysier gewerkt aan zijn nieuwste boek De dieven zijn al gaan slapen. Het telt 166 bladzijden. Een eenvoudige rekensom leert dat Pleysier schrijft aan een tempo van 0,2 bladzijden per dag. Klopt niets van waarschijnlijk, maar het geeft wel aan hoe ernstig Leo Pleysier met zijn vak bezig is.

Denk maar niet dat De dieven zijn al gaan slapen een snel tussendoortje is. Het mag in deze tijden van 'groot, big én meer' dan een klein en dun boekje zijn, het ademt wel pure schoonheid en klasse. Het lukte me niet om het boekje in een ruk uit te lezen. Geregeld moest ik het even wegleggen omdat Leo Pleysier subtiel en bijna onopvallend ontroering (over zijn broer bijvoorbeeld) maar ook humor in zijn boek smokkelt.

Een voorbeeld van die Pleysier-humor:

Madeleine (onze poetsvrouw) is al volop aan de slag in de woonkamer terwijl ik in de veranda nog een ochtendlijke kop koffie zit te drinken. 'Madeleine,' zeg ik, ' mijn boek is af.' Madeleine legt de stofzuiger stil. 'Wat is er?' vraagt Madeleine. 'Zeg het nog eens,' zegt ze, 'want ik heb u niet verstaan.' 'Dat mijn boek af is!' 'Begin dan maar weeral aan ne verse,' antwoordt ze. En Madeleine zet de stofzuiger weer aan.

Merksplas

De titel van het boek is een uitspraak van Simon, de jongste van de drie kinder…Lire la suite

Leo Pleysier : De dieven zijn al gaan slapen

Schrijver Leo Pleysier ziet en hoort álles.

Leo Pleysier zit op het terras achter zijn huis en kijkt de ruime tuin in. "Weet je wat ik goed vind?" Hij wijst op de aanpalende tuinen en de huizen van de buren. "Ik ben hier omringd door mensen die met heel andere dingen bezig zijn dan ik. Gewone mensen die hun best doen. En een daarvan ben ik."

De dieven zijn al gaan slapen - het nieuwste boek van Leo Pleysier - zit vol gewone mensen. Zo maak je onder meer kennis met Sylvie die ontroerend mooie liefdesbrieven schrijft naar Patrick. Er is het grappige verhaal van de gepensioneerde onderwijzer Fons die heel gedetailleerd de stock van alle voedsel bijhoudt in zijn huis en de vertrek- en aankomsttijden van alle Duitse vliegtuigen die in Zaventem landen. 'Ze gaan mij geen tweede keer hebben zitten,' zegt Fons.

En - maar dat verhaal moet u zeker zelf lezen - er is het commentaar dat Madeleine, de poetsvrouw ten huize Pleysier, heeft op de activiteit van de schrijver.

Lire la suite

Leo Pleysier : De dieven zijn al gaan slapen

Bundel aantekeningen van Leo Pleysier

Een open kluizenaarsbestaan

Leo Pleysier bundelde een aantal losse aantekeningen tot een geheel waarin geen personage, maar hijzelf midden in beeld staat. Een portret van de schrijver in de observatiehut van waaruit hij het leven daarbuiten aanschouwt.

Leo Pleysier

De dieven zijn al gaan slapen

De Bezige Bij, Amsterdam, 166 p.,

17,50 euro.

Hij schrijft alsof hij krabbels maakt, zonder te weten waar het hem zal brengen. Na een tijd doemt er een thema, een oriëntatie, een samenhang uit op, op een moment "waarop alles ineens begint te trillen en te zingen en te klingelen. En hoe dan op verschillende plaatsen in de tekst het licht op groen springt bij de overgangen. Overal blijken er nu richtingaanwijzers te staan, ineens ontdek ik waar ik mee bezig geweest ben en waar ik naartoe moet." Dan begint ook het snoeiwerk, met het oog op een gave vorm en een homogene samenhang. Al dat snippergoed, de schaafkrullen…Lire la suite

Leo Pleysiers kroniek van zichzelf

Ik heb altijd alles gezien en alles gehoord. Niets ontgaat me van wat vlak bij of rondom mij is, tenminste dat denk ik. Ik ben altijd en overal op mijn qui vive. Waarom dat zo is (en waar ik het vandaan heb) weet ik niet, maar het alarm is permanent,'' schrijft Leo Pleysier in zijn jongste boek, De dieven zijn al gaan slapen. Het is een van de vele getuigenissen van de hypersensibiliteit van de auteur.

In zijn familiekroniek bleef de ik-figuur of de verteller discreet op de achtergrond. Nu brengt Pleysier een kroniek van zichzelf, fragmentarisch en heel associatief op het eerste gezicht, strak gecomponeerd bij nadere lezing. De auteur bepaalt zijn plaats ten opzichte van zijn familie, zijn omgeving, zijn werk en zijn moedertaal. Wat vroeger in de vele witregels slechts werd gesuggereerd over verteller en auteur, wordt nu explicieter gemaakt.

Het centrum van dit alles is de werkkamer van deze Kempense heremiet. Het motto van het boek is een citaat van Pavese uit Leven…Lire la suite

Spreken en zwijgen

Vraag niet om het te verklaren, maar ik hoef amper een bladzijde in een nieuwe Leo Pleysier te lezen of er verschijnt een hele wereld voor mijn ogen. Eén bladzijde slechts, en Pleysier heeft me keer op keer te pakken. Als je hem ooit hebt horen voorlezen, hoor je voor altijd zijn stem terwijl je zijn boeken leest. Dat is niet anders met zijn nieuwste boek 'De dieven zijn al gaan slapen'.

Alleen al omwille van die magie kan Leo Pleysier bij mij niet veel fout doen. Toch verraste hij niet echt meer de voorbije jaren. Het ritme van de woorden, de angsten en verlangens van zijn personages, de dubbelzinnige verhouding van de verteller met zijn streek en zijn familieleden, ik ken ze als mijn eigen broer en zus na de traag lekkende ('gesijpel en gedruppel' noemt Pleysier het) moedertaal in 'Wit is altijd schoon', de onstuitbaar pratende zus in 'De kast', het zwijgende tante nonneke in 'De gele rivier is bevrozen', en - als polyfoon orgelpunt - de stemmen van de hele familie op een nieuwjaarsfeest in 'Volgend jaar in Berchem' - met in hun midden de dreigende vader waar Pleysier zo veel jaren omheen gelopen was. Elk boek is ook vormelijk een subtiele variatie op een wereld waarin spreken en zwijgen de toon voeren.

Meestal zwijgt de verteller in die boeken. Hij is de stille toehoorder van stemmen. Elke roman had bijgevolg min of meer een leeg epicentrum. Die opzet vera…Lire la suite

De dieven zijn al gearriveerd

Het nieuwe boek De dieven zijn al gaan slapen van auteur Leo Pleysier (1945) uit Rijkevorsel rolde zopas van de persen. Het boek is eind deze week verkrijgbaar in de handel. Het is een uitgave van De Bezige Bij. Het bevat een mozaïek van fragmenten, reflecties, waarnemingen en herinneringen.

RIJKEVORSEL

Het werk gaat over wonen, opgroeiende kinderen, fotografie, liefdesverdriet, Afrika, nagelbijten, tuinieren, spreken en zwijgen, lezen en schrijven. Slechts een greep uit het fascinerende boek dat ook kan worden gelezen als een beknopte autobiografie van een schrijver. Het mozaïek van ,,brokstukken, scherven en splinters'' (van een wolkenhemel tot steenafval) levert een beeld op van een bestaan dat volgens de auteur ,,gelijkmoedig als intens wil zijn''.

Het oeuvre van Leo Pleysier, geboren en getogen in Rijkevorsel, is erg bijzonder. Zo schreef hij onder meer over zijn geboortestreek een autografisch drieluik, dat in 1990 gebundeld verscheen onder de titel Waar was ik weer? . Voor Wit is altijd schoon , een ontroerend moederportret, werd hij genomineerd voor de AKO-literatuurprijs 1989 en bekroond met de F. Bordewijkprijs 1990 en Dirk Martensprijs 1991. Voor De gele rivier is bevrozen kreeg hij de Libris-nominatie 1994, de literaire prijs van de Vlaamse p…Lire la suite

Het dorp in de jongen

Paul Koeck en Leo Pleysier outen in hun nieuwste proza zonder blikken of blozen hun 'aardsheid'. Koeck verrast met de eerste Vlaamse roman waarin sadomasochisme en bondage de boventoon voeren, terwijl Pleysier een inkijk geeft in zijn eenzelvige zoektocht naar warmte.

LITERAIRE FLANDRIEN BODEMSCHATTEN

Leo Pleysier, 'De dieven zijn al gaan slapen', De Bezige Bij, Amsterdam, 166 blz., euro 16, 50.

Leo Pleysier, Koecks generatiegenoot, is ook een literaire flandrien die met een grote verbetenheid de intensiteit van het leven in al zijn tegendraadse schoonheid probeert vast te houden. Maar Pleysier gaat niet op zoek naar een groter, laat staan mondainer kader om zijn zoektocht naar het war(m)e leven in te plaatsen. Pleysier vindt de waarheid dichtbij huis te Rijkevorsel. In

De dieven zijn al gaan slapen reflecteert hij over zijn schrijverschap in korte fragmenten. Pleysier is bekend geworden als de chroniqueur van zijn familie. Drie jaar geleden bekroonde hij zijn vijfdelige cyclus, die begon met het onvolprezen
Wit is altijd schoon (1989), met Volgend jaar in Berchem (2000). In deze notities peilt hij via dagboekachtige aantekeningen naar de roots van zijn schrijverschap. Hij geeft volmondig toe dat hij een familieschrijver gew…Lire la suite

Van Wit is altijd schoon tot en met Volgend jaar in Berchem: steeds liet Leo Pleysier anderen aan het woord, zijn moeder, zijn vader, tante non in China, de broers en zussen... In De dieven zijn al gaan slapen neemt hij zelf het heft in handen. Een zelfportret dus, maar van een stijlbreuk kan hoegenaamd niet worden gesproken: net als in de vorige romans zijn hier ook de witregels van uitzonderlijk belang. Wat niet gezegd wordt, maar gesuggereerd, daarmee moet de lezer het in de eerste plaats doen.

titel

leo pleysier : de dieven zijn al gaan slapen

Het alarm is permanent

De openingsscène van De dieven zijn al gaan slapen is erg programmatisch. Pleysier heeft een fotograaf van 'De Volkskrant' op bezoek en die wijst hem erop dat hij nors, lelijk, ja zelfs 'beschadigd' kijkt. Pleysier beaamt, want: "Zet mij voor een camera en het lijkt wel alsof er ineens een dichte mist over mij komt neergedaald". Die mist …Lire la suite
De titel van deze uit zeven novellen bestaande bundel is ontleend aan een passage (pag. 43) waarin dieven op de grens van Ivoorkunst en Ghana een paspoort stelen. Daar zijn ze blijkbaar nog niet gaan slapen. De zeven korte stukken bevatten herinneringen aan allerlei voorvallen uit Pleysiers leven: een soort autobiografie, maar dan meer in de vorm van een kleurrijk mozaïek. Kleuterschool en jeugd als 'gruwelijke verveling, resultaat van kinderlijke machteloosheid' en puberteit, de 'periode van algehele onderworpenheid en afhankelijkheid'. Maar ook het ontwakend schrijversschap, zijn herinnering aan Gerard Walschap, die al vroeg afscheid nam van het Vlaamse kerkelijke leven, wonen op het platteland, liefdeservaringen, eerste schrijfproeven, het spel met woorden. Boeiende brokstukken en fragmenten, een autobiografisch mozaiëk van de bekende Vlaamse auteur (1945). Paperback; vrij kleine druk.

À propos de Leo Pleysier

CC BY-SA 4.0 - Image by Michiel Hendryckx

Leo Pleysier (pour l'état civil: Leo Jozef Theresia Pleysier) est un écrivain belge d'expression néerlandaise né à Rijkevorsel le 28 mai 1945.

Bibliographie

  • 1971 - Mirliton, een proeve van homofonie
  • 1972 - Niets dan schreeuw
  • 1975 - Negenenvijftig
  • 1976 - Bladschaduwen
  • 1976 - En wat zullen we over het sterven zeggen?
  • 1977 - Het jaar van het dorp, of De razernij der winderige dagen
  • 1977 - Vlaanderen '77
  • 1981 - De weg naar Kralingen (1860-1980)
  • 1983 - Inpakken en wegwezen
  • 1983 - Kop in kas
  • 1987 - Shimmy
  • 1989 - Wit is altijd schoon
  • 1991 - De kast
  • 1993 - De Gele Rivier is bevrozen
  • 1996 - Zwart van het volkEn lire plus sur Wikipedia